Activiteiten

Subsidies belangrijk voor goed opgeleid personeel

Subsidies belangrijk voor goed opgeleid personeel

De overheid moet de restauratiesector niet vergeten in deze coronacrisis. Die dringende oproep doet Glenn Pronk, directeur van bouw- en restauratiebedrijf Pronk Bouw.

“Blijf subsidies geven. Anders hebben we straks opnieuw tekort aan goed opgeleid personeel.”

Terwijl de coronacrisis vele sectoren raakt, gaat het met de restauratiesector eigenlijk heel goed. Van werkuitval is nauwelijks sprake, er wordt meer vast personeel in dienst genomen en de cijfers tot nog toe zijn prachtig… lees meer in de pdf

Restauratietimmerlieden winnen NCE Meester-Gezelprijs

Restauratietimmerlieden winnen NCE Meester-Gezelprijs

Gerard Kleijn en Thomas van Harten winnen eerste NCE Meester-Gezelprijs!

De eerste NCE Meester-Gezelprijs is uitgereikt aan restauratietimmerlieden Gerard Kleijn en Thomas van Harten, beiden werkzaam bij Bouw- & Molenmakersbedrijf Verbij uit Hoogmade. Zij kregen de prijs voor de excellente manier waarop de kennis over het restauratievakmanschap van leermeester op leerling wordt overgebracht. De prijs werd persoonlijk uitgereikt door jurylid Wim van der Maas, die vanwege de coronamaatregelen speciaal met de prijs naar Hoogmade afreisde.

 “Met de Meester-Gezelprijs spreken wij onze waardering uit voor de bijzondere kennisoverdracht van leermeester op leerling”, aldus jurylid Wim van der Maas,“het restauratievak leer je namelijk niet alleen uit boeken, maar juist in de praktijk van de leermeester. Die leert je om creatief en oplossingsgericht te zijn. Hoe je van een vakman een échte restauratievakman wordt. Daarbij is een goede samenwerking essentieel. In veel inzendingen zagen we dit terug, maar vooral bij Gerard en Thomas. Wij zijn dan ook zeer verheugd dat we aan dit bijzondere duo vandaag deze prijs mogen uitreiken.”

Meesterschap
De vierkoppige jury, bestaande uit juryvoorzitter Marc van Roosmalen (seniorarchitect bij Rijksvastgoedbedrijf), Wim van der Maas (voorzitter Platform Gespecialiseerde Aannemers in de Restauratie en bestuurslid van het Nationaal Centrum Erfgoedopleidingen), Willemijn Maas (voorzitter Raad van Toezicht van het Nationaal Restauratiefonds) en Michiel van Hunen (restauratiespecialist Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed), koos unaniem het winnende duo. Wim van der Maas vervolgt: “We waren onder de indruk van de samenwerking tussen Gerard en Thomas. Hoe ze bijvoorbeeld samen de diagnose stelden van een middeleeuwse houtconstructie. Bijna als heelmeesters: per onderdeel bekeken ze wat belangrijk was voor het herstel en hielden daarbij zoveel mogelijk rekening met behoud van het bestaande historische bouwmateriaal. Kijk, dat is nou meesterschap!”

Het is net als koffie zetten
Leermeester Gerard Kleijn is zeer blij met deze erkenning. “Wat ik zelf heel belangrijk vind, is dat ik jongens zoals Thomas langzaam verder breng. Dat doe ik druppelsgewijs. Het is net als koffiezetten: steeds een druppeltje meer verantwoordelijkheid en uiteindelijk heb je een pot koffie. Zo breng je de noodzakelijke vakkennis op een efficiënte manier over.” Thomas van Harten vult daarbij aan: “Gerard heeft mij geleerd om goed te kijken. Beter een half uur langer kijken in het begin, dan later een halve dag meer werk! Het is echt geweldig dat ik nu samen met Gerard deze prijs gewonnen heb.”

Genomineerden en eervolle vermeldingen
De winnaars werden gekozen uit drie genomineerde Meester-Gezel duo’s. De overige twee genomineerde duo’s zijn Tony Muller (leermeester) en Bart Verhoeven (leerling) van Loodgieters- en Leidekkersbedrijf Walter Verhoeven en Joost Vlemmix (leermeester) en Teun Schraven (leerling) van Vlemmix Juwelen. Eervolle vermeldingen gaan naar de duo’s Erik Jan Brans (leermeester) en Karlijn de Wild (leerling) van Rothuizen Architecten en Stedenbouwkundigen en Gerrit Spijkerboer (leermeester) en Cornelis van Lagen (leerling) van hoveniersbedrijf Debie & Verkuijl.

Over de NCE Meester-Gezelprijs
De Meester-Gezelprijs benadrukt de bijzondere kennisoverdracht van leermeester op leerling die zo belangrijk is voor het in stand houden van ambachtelijke restauratieberoepen. 18 Meester-Gezel duo’s uit 14 verschillende restauratiedisciplines hebben zich aangemeld voor deze prijs. De drie genomineerde duo’s mogen ieder gereedschap/materiaal ter waarde van €300,- uitzoeken voor hun eigen vakdiscipline. Het winnende duo ontvangt €1.500,- per persoon om te besteden aan opleidingsmodules van het NCE of andere erfgoedstudies of aan een studiereis.

Video’s genomineerde duo’s

Video’s genomineerde duo’s

De rode loper uit voor de genomineerde duo’s NCE Meester-Gezelprijs 2020

23-9-2020 | Drie duo’s van leermeester en gezel sprongen eruit voor de jury van de NCE Meestergezelprijs. Wie zijn deze bijzondere leermeesters en gezellen? Bekijk de video’s! Op 30 oktober aanstaande wordt het winnende duo bekend gemaakt. Zij gaan ieder naar huis met de hoofdprijs van € 1.500,- om te besteden aan opleidingsmodules van het NCE of andere erfgoedstudies of aan een studiereis. 

Op vrijdagmiddag 30 oktober reikt juryvoorzitter Marc van Roosmalen de hoofdprijs uit aan het winnende duo. De jury, verder bestaande uit Willemijn Maas, Michiel van Hunen en Wim van der Maas, heeft erg genoten van alle mooie inzendingen (18 totaal!), maar heeft het ook moeilijk gehad met de definitieve keuze van de winnaar, verklapte Van Roosmalen. Bij de video’s staat een korte toelichting van de jury over de genomineerden. 

Maak kennis met Tony & Bart, Gerard en Thomas en Joost & Teun! 

Kijk mee met de genomineerde leermeester en gezellen op hun werkplek op de steiger, in een monument en in het atelier. Zie hoe de leermeester de gezel begeleidt, instrueert en aanmoedigt en hoe de gezel de restauratiewerkzaamheden uitvoert en leert. Drie fantastische duo’s, drie geweldige video’s!


Restauratieleidekkers Tony Muller en Bart Verhoeven, Loodgieters- en leidekkersbedrijf Walter Verhoeven BV, Nieuwkuijk

Tony vindt het een eer om de volgende generatie op te leiden, om zo de toekomst van het bedrijf veilig te stellen. Bart is een snelle leerling en volgt de NCE-opleiding Restauratie Leidekker & Loodgieter. Hun werk getuigt van groot vakmanschap. Samen zijn zij in staat om met kennis van het gebouwde erfgoed en binnen de uitvoeringsrichtlijnen, oplossingen te bedenken voor het behoud van het monument.


Restauratietimmerlieden Gerard Kleijn en Thomas van Harten, Bouw- en molenmakersbedrijf Verbij Hoogmade BV, Hoogmade

Hier valt met name de rol van Gerard (als meester) op. Zijn leerling Thomas krijgt de ruimte om te groeien in vaardigheden en als mens. Hoewel de leerling wel eens moet tobben, is de meester er altijd als dekking. Dit duo geeft blijk van het koesteren van het monument, dat mede door de onderzoekende houding van Gerard tot stand wordt gebracht.


Prijzen en prijsuitreiking

De zes genomineerden krijgen ieder gereedschap ter waarde van € 300. De twee winnaars ontvangen ieder € 1.500 om te besteden aan opleidingsmodules van het NCE of andere erfgoedstudies of aan een studiereis. 

Geïnspireerd door zoveel vakmanschap? 

Bekijk hier de NCE-opleidingen om je te specialiseren tot restauratiespecialist op jouw vakgebied: NCE-opleidingen

Wie zijn de juryleden? 

  • Willemijn Maas is ambassadeur van het NCE en voorzitter van de Raad van Toezicht van het NRF.
  • Marc van Roosmalen is senior architect Rijksvastgoedbedrijf met specialisatie erfgoed.
  • Michiel van Hunen is senior specialist conservering en restauratie bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
  • Wim van der Maas is NCE-bestuurslid en voorzitter van het Platform Gespecialiseerde Aannemers in de Restauratie.

Bron: www.erfgoedopleidingen.nl

Honderden banen meer

Honderden banen meer

Gespecialiseerde restauratiebedrijven staan of vallen met gekwalificeerde ondernemers en medewerkers. Hoe belangrijk dat is blijkt bijvoorbeeld uit het aantal vaste contracten. Van alle medewerkers in dienst heeft maar liefst 95% een vast contract. Een andere indicatie is het aantal zzp-ers. Hoewel ook in deze sector cruciaal als “variabele schil”, blijkt hun aantal in de afgelopen 2 jaar met 200 te zijn gedaald: in 2018 1400; in 2020 1200. De opeenvolgende crises hebben ook hier hun sporen nagelaten, ondernemers voorzichtig gemaakt en huiverig al te grote verplichtingen aan te gaan. De daling is dan ook niet spectaculair maar wel significant.

Wat dat wel is, is de verwachte groei van het aantal banen in de komende 3 jaar: 400.

Ook door de crises en tevens door het wegvallen van ROC’s voor deze beroepen, zijn ondernemers qua scholing van de medewerkers vooral op zichzelf aangewezen. Dat blijkt zonneklaar uit het onderzoek. Schoorvoetend zoekt men naar andere wegen, en daar doemt met name het jonge Nationaal Centrum Erfgoedopleidingen op. De door de bedrijven gewenste opleidingen van de medewerkers bewegen zich op vmbo- en in toenemende mate op mbo-niveau. Enkele branches vragen hbo en universitair niveau. Aan de brancheopleidingen wordt hard gewerkt en in de meeste gevallen de laatse hand aan gelegd. In de moeilijke jaren waren er zo weinig leerlingen dat deze opleidingen onder het welbekende laagje stof terecht kwamen.

Omzet in de plus en coronaproof

Omzet in de plus en coronaproof

Wat opvalt is dat het aantal GA-bedrijven, aangesloten bij één van de 10 brancheorganisaties, in twee jaar tijd met 20 is gestegen. Niet spectaculair, maar in een markt die qua omvang redelijk stabiel is een niet onaardige score.

De totale omzet van de bedrijven kende een veel heftiger groei. Hadden de bedrijven in 2018 een gezamenlijke jaaromzet van 325 miljoen, waarvan 180 miljoen uit restauratie van monumenten, in 2020 is die omzet gestegen tot 402 miljoen, waarvan 241 miljoen uit restauratie. Ten opzichte van 2019 bedroeg de toename 20 miljoen, tegen 40 miljoen in 2018. Een kleine afvlakking dus. Een kwart van de bedrijven heeft z’n omzet in het afgelopen jaar zien groeien, met gemiddeld 15%.

Opmerkelijk is dat slechts 9% van de bedrijven last heeft (gehad) van het coronavirus, en dan nog op bescheiden schaal.

Kijkend naar de nabije toekomst denkt 62% van de bedrijven in omzet gelijk te blijven; wanneer we het gehele volgend jaar beschouwen (vanaf juni 2020) daalt dat aantal licht tot 57%. Nog verder weg, de komende 3 jaar, vlakt dit percentage nog verder af: 40%. Voor de periode tot juni 2023 houden optimisten (hogere omzet) en pessimisten (lagere omzet) elkaar in evenwicht, beide scoren 30%.

Omdat de markt in hoge mate subsidiegedreven is en er geen grote schommelingen in de beschikbare bedragen te verwachten zijn, zal de concurrentie met minder gekwalificeerde bedrijven en gekwalificeerde collega’s uitmaken wie plust en wie mint.

Onderzoek verwachtingen

Onderzoek verwachtingen

Onderzoek GA-Platform naar omzet, werkgelegenheid en certificering gespecialiseerde restauratiebedrijven

Bij het ontstaan van het GA-Platform Restauratie vroegen we het Economisch Bureau voor de Bouw (EIB) onderzoek te doen naar de belangrijkste kenmerken van de via de brancheorganisaties aangesloten bedrijven en hun voornaamste problemen. Dit was bedoeld als een soort 0-meting. Als behartiger van de niet vakgerichte belangen gaf dat ons inzicht in de noden en wensen die als rode draden door alle bedrijven liepen. Hoewel de vakspecialismen van branche tot branche verschilden, trof de hoge mate van gemeenschappelijkheid. In een enkele maanden eerder verschenen startdocument, voorbesproken met alle branchevoorzitters, was dat ook al opgevallen.

Nu, 2 ½ jaar later, hebben we het onderzoek herhaald, zij het in sterk vereenvoudigde vorm. We hebben ons beperkt tot de huidige en verwachte omzet en werkgelegenheid, de scholingsbehoeften en het gebruik van kwaliteitsrichtlijnen. Omzet en werkgelegenheid hebben we vergeleken met de jaren 2018 en 2019; de vragen over de kwalteitsrichtlijnen zijn nieuw en alleen gesteld aan de brancheorganisaties. Het onderzoek wordt afgesloten met een 12-tal conclusies en aanbevelingen.

Conclusies en aanbevelingen
Het volledige onderzoek met de aanbevelingen is te downloaden.

Notities van de voorzitter

Notities van de voorzitter

Wat bespreken we in het GA-Platform zoal met elkaar?

De elf bij het GA-Platform Restauratie aangesloten brancheorganisaties komen 3 keer per jaar bijeen. Ook woensdag 9 september was het weer zover, helaas voor de tweede achtereenvolgende keer via dat weinig uitnodigende beeldscherm. Als er één beroepsgroep te vereenzelvigen is met -mooie- plaatjes, van al die vakkundige ambachtelijke produkten waar onze site vol mee staat, zijn wij het wel, maar nu waren de deelnemers van de vergadering de plaatjes die dienden als ondersteuning van de praatjes. Alles went uiteindelijk.

Enkele interessante punten uit die vergadering laten we hier de revue passeren.

Hoofdaannemers en GA-aannemers vinden elkaar

Twee belangrijke gasten, bestuursleden van de Vakgroep Restauratie, de hoofdaannemers, spraken met de elf leden van het Platform over de relatie hoofdaannemer-gespecialiseerde aannemer, en daarmee over de kwaliteit van de restauratieketen. Gespecialiseerde bedrijven (de GA’s) klagen nogal eens dat opdrachtgevers en hoofdaannemers de echte kwaliteitsspecialisten overslaan omdat die te duur zouden zijn. Hoofdaannemers werpen daar tegen op dat het aantal hooggekwalificeerde specialisten te gering is om voldoende keuze te hebben. Lang dreigde een impasse, maar beide partijen hebben nu afgesproken er alles aan te doen om de problemen het hoofd te bieden en niet langer de prijs maar de kwaliteit als richtsnoer te gebruiken voor het uitvoeren van de werkzaamheden. Gezamenlijk zullen we optrekken om opdrachtgevers te overtuigen dat ze het beste uit zijn met teams van de echte kwaliteitsleveranciers. Dat ze minder moeten letten op het besparen van korte termijn centjes en meer oog hebben voor de euro’s die ze op de langere termijn besparen. Onder het motto: “als je het doet, doe het dan goed”. Voor de subsidieverstrekkende overheden een opdracht en een mooie kans. Ook met de architecten zal hierover uitvoerig worden gesproken.

Een mooi resultaat, met hopelijk grote gevolgen voor de kwaliteit van het onderhoud van onze monumenten.

Hobbels voor Certificering

Veel branches met kleinere leden-bedrijven worstelen met certificering. Alle leden werken zonder uitzondering met de door ERM en RCE opgestelde uitvoeringsrichtlijnen (URL’s), over hoe het werk moet worden uitgevoerd, maar het zelf gecertificeerd zijn wil nog niet altijd lukken. Eén van de boosdoeners is de kosten, de eenmalige bij het begin van het certificeringstraject en de vervolgkosten bij de audits. Ook zien bedrijven op tegen de papierrommel en twijfelen ze aan het rendement. Ze hebben, uit ervaring, weinig vertrouwen dat opdrachtgevers hun kwalteitsinspanningen belonen met opdrachten. En als te weinig bedrijven investeren in pure restauratiekwaliteit, holt de specialistische kennis en kunde achteruit en zijn de monumenten de dupe.

Branches hebben nu besloten hun ervaringen met Certificerende Instellingen uit te wisselen en te kijken hoe kosten en opbrengsten beter kunnen sporen.

Cultureel Ondernemerschap; vakspecialisten bijspijkeren

In het voorjaar zijn er tal van proeven geweest met de organisatie van workshops en later webinars om het ondernemerschap van de GA-ondernemers, die vakmatig uitstekend zijn geschoold maar als ondernemer niet altijd goed uit de voeten kunnen, te professionaliseren. Het ziet er naar uit dat dit initiatief een follow-up krijgt. Deelnemende ondernemers waren in grote meerderheid enthousiast, ook omdat vakspecialisten vanuit alle mogelijke ambachten door elkaar zaten en tot de ontdekking kwamen uniek geachte problemen toch niet zo uniek waren als men dacht.

Groot onderzoek achterban GA-Platform

Over twee weken kunnen we daar meer over meedelen. Momenteel leggen we er de laatste hand aan. Het lijkt er indrukwekkend en bijzonder interessant te gaan uitzien. We zullen het heel breed verspreiden.

Nieuwe uitvoeringsrichtlijn historisch schilderwerk URL 4009

Nieuwe uitvoeringsrichtlijn historisch schilderwerk URL 4009

Mark Hulsen: ‘Elke schilder moet deze moderne richtlijn kennen’

‘De nieuwe uitvoeringsrichtlijn historisch schilderwerk URL 4009 is innovatief en toekomstgericht. Hij doet veel meer recht aan het ambacht van de restauratieschilder en aan de complexiteit van het schildersvak. Daarnaast is hij een stuk moderner geworden; niet alleen toepasbaar ten aanzien van de inspanningsgerichte, meer klassieke bestekken, maar ook in te passen in het proces van “Resultaatgericht samenwerken”’, stelt Mark Hulsen verheugd vast.

Moderner
Mark Hulsen is sectormanager bij Koninklijke OnderhoudNL, de ondernemersorganisatie van specialisten in vastgoedonderhoud, renovatie, restauratie, isolatie, schilderen, beglazing en industriële metaalconservering. Daarnaast maakte hij deel uit van de begeleidingscommissie voor de vernieuwde URL 4009 Historisch schilderwerk. ‘Wat ik als een van de belangrijkste verbeteringen van de nieuwe URL vindt is dat deze moderner is gemaakt. Hij sluit meer aan bij hedendaagse werkopvattingen en werkafspraken. Want naast het werken conform een voorgeschreven bestek zien wij, en stimuleren dat ook, dat er steeds meer wordt gewerkt op basis van het “Resultaatgericht samenwerken (RGS)”. Hierbij wordt door de aannemer en onderaannemers meegedacht over het beste resultaat – ook op langere termijn. De stappen die in dat proces worden gezet worden nu benoemd in de URL, een waardevolle innovatie en verrijking. Er is nu ook een heel duidelijk onderscheid tussen regulier en historisch schilderwerk.’

Monumentale ondergrond
‘De URL is helaas niet compacter geworden, wat wel het streven was. Restauratie en erfgoedschilderwerk bestaat voor ongeveer 80 procent uit “onderhoudsschilderwerk” op monumentale ondergronden. Naast natuurlijk de specialistische technieken, zoals hout- en marmerimitatie, decoratieve technieken en bijvoorbeeld het aanbrengen van bladmetalen. In de oorspronkelijke URL was daar wat te weinig aandacht voor. In deze nieuwe versie wordt aan alle facetten, zowel het schilderwerk als de specialistische technieken aandacht gegeven. De nieuwe versie van de richtlijn is nu gesplitst naar monumentale ondergronden van hout, metaal, steen of beton’.

Verdieping
‘Verder kent deze nieuwe versie ook een enorme inhoudelijke verdiepings. Per soort ondergrond is beschreven hoe deze kan worden geconserveerd, gerepareerd of vernieuwd moet worden. Met deze vernieuwde URL in de hand kan de restauratie- en erfgoedschilder ook beter richting opdrachtgever beargumenteren waarom het behouden van bijvoorbeeld de oude verflagen, of het doen van een kleurhistorisch onderzoek zo belangrijk is. Daarnaast kan de restauratie- en erfgoed schilder ook beter beargumenteerd zijn adviezen geven’. ‘Daarom vind ik het ook van groot belang dat elke schilder kennis neemt van deze nieuwe richtlijn. Kennis neemt van alle expertise die er in zit. Kennis die vanuit regulier onderhoud leidt naar erfgoedschilderwerk. En daarbij alle mogelijke technieken, zoals hout- en marmerimitatie, decoratief werk of vergulden, benoemd’. ‘En nog een andere reden om deze URL breed onder de aandacht te brengen is het gezondheidsaspect. De richtlijn benoemt ook de gevaren van het verwijderen van oude verflagen, met name afwerklagen voorzien van chroom-6 of loodhoudende verf’.

Stimulans tot certificering
‘Dat de URL nu inhoudelijk zeer compleet en toekomstgericht is en naadloos aansluit op het Resultaatgericht samenwerken, maakt het voor erfgoedschilders des te aantrekkelijker om zich te laten certificeren. OnderhoudNL streeft daar ook naar. Ze ondersteunt haar leden in het proces naar certificering en heeft daarvoor ook een handleiding ontwikkeld. Een stappenplan, dat desgewenst kan worden begeleid. We zien dat de uitvoerings- en beoordelingsrichtlijnen van ERM langzamerhand een algemeen geldende kwaliteitsstandaard zijn geworden. Erfgoedschilders, maar ook schildersbedrijven die een mindere focus hebben op monumenten, hebben daar baat bij. Ze kunnen beter aansluiten in de keten die ontstaat bij een restauratie, renovatie of onderhoud van een monument. Ze kunnen zo mogelijk ook zelf die keten opzetten en op kwaliteit bewaken. Dat zal ook een rol gaan spelen in de toekomstige nieuwe versie van de Wet kwaliteitsborging, die uiteraard uiteindelijk ook voor het gebouwde erfgoed gaat gelden.’

Voor vragen is Mark Hulsen bereikbaar via M.Hulsen@OnderhoudNL.nl

Genomineerde duo’s NCE Meester-Gezelprijs

Genomineerde duo’s NCE Meester-Gezelprijs

De genomineerde duo’s van de NCE Meester-Gezelprijs zijn bekend! Uit de 18 inzendingen voor de NCE Meester-Gezelprijs heeft de jury drie duo’s genomineerd. Het gaat om de restauratieleidekkers Tony en Bart, restauratietimmerlieden Gerard en Thomas en restauratoren roerend erfgoed (juwelen) Joost en Teun. Met het uitreiken van de Meester-Gezelprijs wil het NCE het restauratievakmanschap én het ambachtelijk onderwijs in de spotlights zetten.

De juryleden Willemijn Maas, Marc van Roosmalen, Michiel van Hunen en Wim van der Maas* waren onder de indruk van de 18 inzendingen uit 12 vakdisciplines: “De inzendingen getuigen allemaal van de bijzondere kennisoverdracht tussen deze leermeesters en gezellen, die zo belangrijk is voor het in stand houden van ambachtelijke restauratieberoepen. We vinden dat het vooral gaat om de wisselwerking en de onderlinge samenwerking tussen de meester en de gezel. De meester brengt kennis over en de gezel neemt de kennis tot zich om zo te kunnen uitgroeien tot een ambachtelijk vakman/vrouw. De meester helpt de gezel de vertaalslag te maken van de theorie naar de praktijk. Deze manier van opleiden is anders dan het opleiden in het reguliere onderwijs. Het is mooi en goed dat deze vorm van onderwijs bestaat. Het biedt kansen op een mooi beroep voor die groep die niet houdt van uit de boeken leren. De manuele en de motorische intelligentie die nodig is in het restauratievak, wordt enorm onderschat, terwijl iedereen wel veel sympathie heeft voor het restauratieambacht. Werken met de handen is ondergewaardeerd en het wordt tijd dat dit verandert. De NCE Meester-Gezelprijs draagt bij aan die verandering. We feliciteren Tony en Bart, Gerard en Thomas en Joost en Teun van harte met hun nominaties en zien uit naar de bekendmaking van de winnaar later dit jaar.”

De genomineerden voor de NCE Meester-Gezelprijs 2020

We stellen de genomineerden voor de NCE Meester-Gezelprijs 2020 alvast kort aan u voor. Later volgen uitgebreide portretten van deze getalenteerde vaklieden.

Restauratieleidekkers Tony Muller en Bart Verhoeven, Loodgieters- en leidekkersbedrijf Walter Verhoeven BV, Nieuwkuijk

Tony vindt het een eer om de volgende generatie op te leiden, om zo de toekomst van het bedrijf veilig te stellen. Bart is een snelle leerling en volgt de NCE-opleiding Restauratie Leidekker & Loodgieter. Het werk getuigt van groot vakmanschap. Samen zijn zij in staat om met kennis van het gebouwde erfgoed en binnen de uitvoeringsrichtlijnen, oplossingen te bedenken voor het behoud van het monument.


Restauratietimmerlieden Gerard Kleijn en Thomas van Harten, Bouw- en molenmakersbedrijf Verbij Hoogmade BV, Hoogmade

Hier valt met name de rol van Gerard (als meester) op. Zijn leerling Thomas krijgt de ruimte om te groeien in vaardigheden en als mens. Hoewel de leerling wel eens moet tobben, is de meester er altijd als dekking. Dit duo geeft blijk van het koesteren van het monument, dat mede door de onderzoekende houding van Gerard tot stand wordt gebracht.


Restauratoren roerend erfgoed Joost Vlemmix en Teun Schraven, Vlemmix Juwelen, Oss

Het vak van edelsmid wordt middels het meester-gezel systeem overgedragen. Joost investeert veel in zijn leerling Teun, waardoor Teun alle ruimte krijgt om diverse vakdisciplines zichzelf eigen te maken. Een belangrijk uitgangspunt is dat het ‘restauratiewerk nooit mooier mag worden dan het origineel’.

Eervolle vermeldingen

Twee inzendingen zijn weliswaar niet genomineerd, maar wel heel bijzonder. Daarom waardeert de jury deze beide duo’s met een eervolle vermelding: Gerrit Spijkerboer en Cornelis van Lagen, Debie & Verkuijl tuin | park | landschap en Erik Jan Brans en Karlijn de Wild, Rothuizen Architecten en Stedenbouwkundigen. 

Prijzen en prijsuitreiking

De genomineerden krijgen ieder gereedschap ter waarde van € 300. De winnaars, die in het najaar bekend gemaakt worden, ontvangen ieder € 1.500 om te besteden aan opleidingsmodules van het NCE of andere erfgoedstudies of aan een studiereis. 

Vanwege de Coronacrisis kunnen we nu nog niet zeggen wanneer en waar de prijsuitreiking plaats zal vinden. Zodra er meer duidelijkheid is, berichten wij hierover.

*Wie zijn de juryleden?
Willemijn Maas is ambassadeur van het NCE en voorzitter van de Raad van Toezicht van het NRF.
Marc van Roosmalen is senior architect Rijksvastgoedbedrijf met specialisatie erfgoed.
Michiel van Hunen is senior specialist conservering en restauratie bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Wim van der Maas is NCE-bestuurslid en voorzitter van het Platform Gespecialiseerde Aannemers in de Restauratie.

Nieuwe NCE-opleiding gestart

Nieuwe NCE-opleiding gestart

Nieuwe NCE-opleiding gestart: Restauratie Leidekker & Loodgieter

Op donderdag 12 maart jongstleden startte de opleiding Restauratie Leidekker & Loodgieter. Deze opleiding is tot stand gekomen in samenspraak met de Nederlandse Vereniging van Leidekkers (NVVL). Docent Joop Jansen legde de laatste hand aan de voorbereidingen om van de werkplaats van Bouwmensen Amersfoort een perfecte leerplek te maken voor de studenten. Vele partijen dragen bij, we geven u een kijkje achter de schermen.

De lesdagen van de opleiding Restauratie Leidekker & Loodgieter zijn georganiseerd in clusters van twee dagen. Op dag 1 krijgen de studenten een dagdeel theorie, waarna zij zelf aan de slag kunnen met leien, lood, zink, folies, alles wat nodig is om een dak met leien te dekken. Daar hebben ze dan steeds anderhalve dag goed de tijd voor.

In de werkplaats van Bouwmensen Amersoort, de locatie van de opleiding, staan inmiddels een groot dak en een torentje klaar. “De studenten van de allround opleiding timmeren hebben dat voor ons mooi gebouwd. Dat zijn voor deze timmerlieden in spé ook weer goede studieopdrachten en we hoorden terug dat ze het fantastisch vonden eraan te werken. Een geweldige manier om samen te werken,” vertelt Joop Jansen enthousiast.

Jansen coördineert de uitvoering van de NCE-opleidingen en werkt met veel partijen samen om de werkplaats in te richten voor de lessen. Zo heeft Piet Jacobs van ‘GAan in de bouw’ materialen beschikbaar gesteld. ‘GAan in de bouw’ organiseert een allround opleiding voor leidekken op MBO-2 niveau en is betrokken in de klankbordgroep van de vervolgopleiding van het NCE. “Piet had een aantal rollen folies, zink en lood over van de MBO 2 opleiding. Als er straks spullen over blijven na onze lessen, geef ik die weer aan Piet. Zo helpen we elkaar,” aldus Joop.

Ook het bedrijfsleven draagt een steentje bij: “Via Johanna Gruijthuijsen van Lei Import hebben we leien gekregen. We zijn heel dankbaar dat zij dit dure materiaal wil sponsoren. Er komen nog leien uit leisteengroeves in Duitsland, Wales en Spanje, zodat de studenten de verschillen in vormen en hardheid van deze soorten leien kunnen ervaren. Daarnaast heb ik een kist met leien van over de hele wereld verzameld als studiemateriaal, waar we tijdens de eerste lesdag meteen mee aan de slag zijn gegaan.”

De opleiding Restauratie Leidekker & Loodgieter kwam mede tot stand door de enthousiaste inzet van de Nederlandse Vereniging van Leidekkers.

Het NCE organiseert en ontwikkelt voor diverse restauratiedisciplines opleidingen en opleidingsmodules. Bekijk ze hier: NCE-opleidingen.